SATANS OORLOG TEGEN DE KERK

David Wilkerson (1931-2011)

Het boek Openbaring vertelt ons dat Satan in de laatste dagen zal opstaan ​​in woede en oorlog zal voeren 'met het overblijfsel'. Dit overblijfsel is natuurlijk het lichaam van Christus, bestaande uit allen “die de geboden van God in acht nemen en het getuigenis van Jezus Christus hebben" (Openbaring 12:17).

Wij, in de kerk van Christus, praten vaak over geestelijke oorlogvoering. De oorlog die wordt beschreven in Openbaring is een wereldwijde aanval die Satan tegen het Lichaam van Christus heeft gelanceerd: "En het beest werd macht gegeven om oorlog te voeren tegen de heiligen en om hen te overwinnen, en hem werd macht gegeven over elke stam, taal en volk." (Openbaring 13:7).

Elke gelovige is een soldaat in het grote leger van de Heere en Satan voert zijn demonische oorlog tegen dit leger. De apostel Paulus stelt dat op elk slagveld: " Want al wandelen wij in het vlees, wij voeren geen strijd naar het vlees. De wapens van onze strijd zijn immers niet vleselijk, maar krachtig door God, tot afbraak van bolwerken." (2 Korintiërs 10:3-4).

Er zijn veel "oorlogsgebieden" over de hele wereld. In Amerika bestaat Satans oorlog tegen de kerk uit de voortdurende stroom van sensualiteit en materialisme. Zijn wapens in deze oorlog zijn liefde voor geld en verslaving aan plezier. Maar er is een ander slagveld in deze oorlog: de privé-oorlog van individuele kinderen van God.

Elke gelovige op aarde wordt geconfronteerd met zijn of haar eigen oorlog. De Bijbel zegt: "Voor alles is er een vastgestelde tijd, en er is een tijd voor elk voornemen onder de hemel… een tijd van oorlog en een tijd van vrede" (Prediker 3:1 en 8). Op dit moment geniet je misschien van een tijd van vrede. Ik dank God voor zulke seizoenen in het leven, wanneer er vreugde is. Als jou tijd van strijd komt, kan het gaan om worstelingen waarvan alleen jij en God weten.

We kennen allemaal het verhaal van koning David, een rechtvaardige man die God trouw diende, maar toch in de zonde van overspel viel. David had berouw, stortte bittere tranen en schreeuwde in angst tot God. Je kunt zijn belijdenis lezen in Psalm 38 en vooral in Psalm 69. Hij ontdekte dat Gods genade echt voldoende was en hij zei: " Die de oorlogen doet ophouden tot aan het einde der aarde" (Psalm 46:10).

In elk privé-conflict dat je tegenkomt, hou je ogen en je gedachten hierop gericht: Gods genade en goedertierenheid falen nooit.